Alcohol als Satan

Komt er nu ook in Europa een Nieuwe drooglegging op ons af? Je zou het bijna geloven als je de voorbije maanden en weken de media bekijkt. Zoals ik eerder al schreef: blijkbaar wordt alcohol de nieuwe tabak die met alle middelen dient gesanctioneerd. De demonisering ervan draait in ieder geval op volle toeren. Twee recente voorbeelden.

 

 

Laat me allereerst één ding met de vetste stift onderstrepen: natuurlijk moeten we alcoholmisbruik – en alle daaraan gekoppelde pijnlijke sociale gevolgen en gezondheidskosten– maximaal afremmen en proberen te voorkomen. 

 

Alleen onverbiddelijke zuipschuiten zijn het niet met deze stelling eens. Maar een verstandig alcoholgebruik mag niet het slachtoffer worden van deze goede intenties.

 

Daarom ergeren twee recente interviews me mateloos.

 

Haatprediker van de Anti-alcoholkerk

 

Het eerste verscheen in Humo, onder de constructieve titel ”Pleidooi voor een nuchter Vlaanderen: ‘Pils stinkt! Alcohol is vergif. Ons lichaam zegt: blijf eraf!”. Van nuances gesproken: dit kan zo in de cursus ‘constructieve journalistiek’.

 

Een volle pagina geeft het gesprek weer met de nu 31-jarige Zwitser Michael Niclaus, die tot zes jaar geleden nog (veel) dronk - hij begon op zijn 14de-, maar van de ene dag op de andere de alcohol afzwoer. Sindsdien heeft hij echter een lucratief handeltje opgezet als haatprediker tegen alcohol: hij geeft lezingen, organiseert praatsessies en publiceert boeken contra alcoholgebruik tout court.

 

Tijdens lezingen wil hij jongeren niet tot matig gebruik aanzetten – zelf kon hij dat duidelijk nooit  -, maar tot pure geheelonthouders ombouwen. Met argumenten als ‘pils en wijn stinken, ruik er eens aan. (…) En de dag erna ben je zo ziek als een hond. Alcohol is vergif, maar we leren onszelf het binnen te houden.”

 

Het is kortom het typische verhaal van de stroper die na zijn ‘bekering’ de strengste boswachter wordt. Of een hedendaagse vergelijking: een boefje met moslimachtergrond in Molenbeek dat, na jaren ongebreideld drug- en alcoholgebruik annex de klassieke ‘kleine’ criminaliteit, plots  tot inzicht’ komt, radicaliseert en alle gevoel voor nuanceringen of empathie kwijt speelt. De ‘ongelovige’ dan wil vernietigen. Ik herken dezelfde tics bij deze Zwitser.

 

Hij beweert bovendien dat drinken of niet-drinken tegenwoordig geen vrij keuze is. Dan verkeert hij toch in rare kringen, want bij mij thuis of op restaurant bestaat een tafelgezelschap geregeld zowel uit wijnenthousiastelingen als niet-drinkers. Niemand die anderen verplicht om absoluut alcohol te nuttigen.

 

Wat ik uit het interview vooral afleid is: die man houdt simpelweg niet van lekker eten & drinken. Want als je aan sommige groenten, vis of fruit ruikt, stinken die bij een eerste contact toch ook? En drinken doe je toch niet, zoals hij beweert, altijd om je te ‘verdoven’, tenzij je echt een AA-kandidaat bent die dringend naar de afkickkliniek moet? Eten en drinken zijn toch geen noodzakelijk kwaad, maar zorgen toch ook voor veel eerlijk plezier?

 

Zijn ultiem doel is m.i. dus duidelijk: hij wil munt blijven slaan uit zijn alcoholvendetta en de politiek aansporen om  veel strenger op te treden tegen elke vorm van  alcoholconsumptie. 

 

Ik maak me alleen zorgen dat zo’n zelfverklaarde alcoholgoeroe, blijkbaar zonder enige screening,  onze jongeren mag vergiftigen met zulke onwetenschappelijke prietpraat.

 

S.O.S. Sommelier

 

Het tweede voorbeeld van alcoholdemonisering ligt op een ander niveau: het interview met Joachim Boudens, sommelier en drijvende kracht van het driesterrenrestaurant Hertog Jan. Een man die ik ken en die ik zowel professioneel als persoonlijk hoog inschat.

 

Maar exact daarom kan ik het niet goed verteren dat in een (lang) interview met De Tijd één van zijn basisboodschappen zo anti-alcohol gekleurd was. En op de keper beschouwd een kaakslag voor zijn eigen vak en collega’s.

 

Misschien werd hij er door de slimme/sluwe journalist ‘ingeluisd’ en reageerde hij wat te naïef, maar hij kon toch verwachten dat sommige uitspraken gingen opgepikt worden en de rest van het interview ondersneeuwen.

 

Het is zijn volste recht om weinig te drinken, slecht tegen alcohol te kunnen of zich te ergeren aan alcoholmisbruik, maar is dàt de boodschap die abosluut in zo’n artikel dient uitgedragen, terwijl je zelf je inkomen haalt uit deze drank? Uitspraken als “Ik kan niet goed tegen drank én ik heb al te veel gezien wat voor drama's alcoholmisbruik kan aanrichten” zijn toch koren op de molen van de anti-alcohollobby? Want die maakt nu al geen enkel onderscheid tussen matig of excessief drankgebruik. Kijk maar naar Frankrijk, waar zelfs de slogan “Drink Minder Maar Beter” juridisch werd aangevochten.

 

Misschien het meest pijnlijke vond ik deze quote: “s’ Avonds op restaurant zal ik ook nooit kiezen voor aangepaste wijnen, maar voor één goed, vol glas. Tuurlijk vind ik het spel van gecombineerde wijnen superboeiend. Dat is ook mijn job. En ja, het is vervelend om nee te zeggen tegen collega's die terecht met dat spel willen uitpakken. Toch weiger ik.” Zo weigert hij ook een glaasje champagne tijdens de lunch en drinkt dan een kop koffie.

 

Goed nieuws voor zijn komende gasten die straks zich blauw betalen in de driesterrentempel! Want hoe kan iemand die zo afwijzend praat over wijn ons straks nog adviseren welke aangepaste dranken bij een maaltijd horen? Persoonlijk verkies ik kleine dosissen wijn – die samen ook maar 1 of 2 glazen vullen – bij mijn stoet gerechten, dan één glas dat alle smaken moet coveren. Er bestaat volgens mij trouwens geen passe-partoutwijn die dat aankan.

 

Nogmaals, ik twijfel niet aan de integriteit of neus van Joachim, maar zoals ik reeds op Facebook naar analogie schreef: wie zou bij een slager nog in vertrouwen een stuk rundsvlees kopen, als diezelfde vakman in de media uitbazuint dat rood vlees slecht is voor onze gezondheid en hij al veel kankergevallen kent bij zijn klanten, daarom thuis liever tofoe eet?

 

Frank Van der Auwera